Hebben wij een contract dan?

Rechtsgeldig bewijs van een contract, je hoort het vaak maar wat wil dat eigenlijk zeggen? Meestal bedoelen mensen daarmee dat ze iets kunnen laten zien waardoor de tegenpartij wel móet toegeven dat er een contract is. Dat kan: laat een notaris met kroontjespen een document opstellen op handgeschept papier in het bijzijn van twee onafhankelijke getuigen, en laat de partijen dat met bloed ondertekenen.

Ok, dat bloed hoeft niet maar de notaris is wel de enige die een (vrijwel) onweerlegbaar bewijs van een overeenkomst kan opstellen. Verder regelt de wet niets over bewijs. Je mag op elke mogelijke manier aantonen dat je iets afgesproken hebt, of juist dat je (nog) geen afspraak hebt.

Wanneer ben je akkoord met een contract?

Je zit aan een contract, of meer algemeen een overeenkomst, vast als je akkoord bent gegaan met een concreet aanbod. Wanneer is dat nu het geval?

Het aanbod moet voldoende duidelijk zijn. Je moet er zeg maar “verkocht!” op kunnen zeggen. “Ik bied mijn auto te koop aan voor 5.000 euro” is een voldoende concreet aanbod. “Ik heb nog wel wat leuks in de aanbieding” is dat niet, want hieruit is niet te zien wat je dan zou kunnen kopen. “Wil je mijn auto kopen” is een twijfelgeval: het is niet duidelijk voor welke prijs die auto te koop is, maar de wet zegt dat je in zo’n geval toch akkoord kunt gaan en dan een ‘redelijke’ prijs moet betalen.

Akkoord gaan kan op een heleboel manieren. Dat notarieel document met handtekeningen in bloed is een nogal dure manier. Een zelf opgesteld document mag ook. Een document is eigenlijk niet eens nodig. Je kunt ook mondeling een afspraak maken.

Nog sterker: je hoeft niet eens een expliciete verklaring te doen. Iets doen kan ook een akkoordverklaring zijn. Op je hoofd krabben bij een veiling is niet verstandig als je niet met een schilderij van twee ton naar huis wilt gaan.

Zelfs niets doen kan een akkoordverklaring zijn. Wie blijft kijken na de mededeling “het nu volgende Journaal-item bevat zeer schokkende beelden” moet niet klagen als zijn avondeten er vervolgens via de verkeerde kant uitkomt.

Afhankelijk van wat gebruikelijk is in de branche, of tussen jou en je zakenpartner onderling, kan dat anders liggen. Een koe op de veemarkt heb je pas gekocht als er handjeklap is gedaan, ook al hebben tien notarissen het al op papier uitgewerkt. En heb jij in je aanlooptraject beloofd dat je eerst een schriftelijke offerte zult doen, dan is de mondelinge toezegging van je prospect dus niet relevant.

En hoe bewijs ik dat?

Er is dus geen eis dat iets op papier staat, of zelfs maar dat een akkoord op een bepaalde manier gegeven wordt. De enige reden om dingen formeel vast te leggen, is omdat je dan bewijs hebt voor het geval dat er ruzie over komt. Juristen zijn namelijk doemdenkers: wij gaan er vanuit dat er over drie jaar ruzie van komt. (Dit in tegenstelling tot marketeers.) En in geval van ruzie is bewijs van jouw gelijk wel zo handig.

Er is in Nederland niet zoiets als “rechtsgeldig bewijs” in de zin van Amerikaanse rechtbankseries. Tenminste niet bij een rechtszaak over een contract. De rechter mag zelf bepalen hoe veel waarde hij hecht aan de documenten en andere dingen die partijen overleggen.

De enige uitzondering daarop is dus die notariële verklaring. Die moet de rechter als waar accepteren, tenzij er heel duidelijk bewijs is dat de inhoud niet klopt.

Een door beide partijen ondertekend stuk papier is ook zwaarwegend bewijs van een contract. Je moet van goeden huize komen wil je er dan nog onderuit kunnen. Maar uitgesloten is het niet: je was niet bevoegd om te tekenen, je had het verkeerd begrepen, die handtekening was voor ontvangst, of misschien was je handtekening wel keihard vervalst. De bewijslast ligt bij jou, maar als je een goed verhaal hebt, lukt dat wel.

Bij een mondelinge overeenkomst is het lastiger. Met een getuige kom je een heel eind, zeker als die getuige niet je vriend(in) of zakenpartner is maar een onafhankelijk iemand. Ook een geluidsopname mag, zelfs als je die onaangekondigd en stiekem hebt gemaakt. Het is namelijk gewoon legaal om je eigen (mondelinge of telefoon-) gesprekken op te nemen.

En hoe bewijs ik dat digitaal?

E-mail en andere digitale media zijn een tussenvorm. Een mail is tastbaarder dan een gesprek, maar kan natuurlijk worden vervalst. Hetzelfde geldt voor MSN chatlogs.

Toch is het feit dat een bericht vervalst kan worden, geen reden om het bericht dan maar helemaal te negeren. De rechter mag immers zelf afwegen hoe veel waarde hij aan bewijs hecht. Lijkt het hem onwaarschijnlijk dat het bericht vervalst is, dan mag hij het voor waar aannemen, ongeacht hoe veel getuigen je laat opdraven die verklaren dat het triviaal is om e-mail te vervalsen.

Het gaat namelijk niet om het theoretische feit dat het kan, maar om de vraag of het in dit concrete geval ook werkelijk is gebeurd. En daarvoor hoef je niet alleen naar het bericht zelf te kijken. Andere dingen zijn vaak een goede aanwijzing of er werkelijk iets afgesproken is. Als er regelmatig wordt ingelogd op een webhosting account, de inhoud daarvan informatie over mijn bedrijf bevat, er elke maand een bedrag overgemaakt wordt van mijn bedrijfsrekening naar de hoster en de URL op mijn visitekaartjes staat, dan kom ik echt niet onder het hostingcontract uit door te zeggen dat de e-mail met “ik ben akkoord, groeten Arnoud” een vervalsing is.

Extra zekerheid door ingebouwd bewijs

Een andere manier om te bewijzen dat er een overeenkomst is gesloten, is om in je bestelproces expliciet verplichte bevestiging in te bouwen. Vandaar al die vakjes met “Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden” die je moet aanvinken voordat je op de Bestel-knop mag drukken.

Natuurlijk kan iemand anders mijn gegevens invullen en op die knop drukken. Maar ook hier moet je weer kijken naar alle omstandigheden: als na de akkoord het wachtwoord is gemaild naar een e-mailadres dat bij het bedrijf hoort, en er wordt ingelogd, dan mag je er vanuit gaan dat het bedrijf gebruik aan het maken is van de dienst en dus akkoord is met de overeenkomst.

Een bevestigingsmail naar het opgegeven bedrijfsadres maakt het nog weer sterker. Als je een mail krijgt over een contract waar je niets vanaf weet, dan wordt je geacht te protesteren. Doe je dat niet, dan is dat weer een extra stukje bewijs voor het bestaan van een geldig contract.

Bottom line

Rechtsgeldig bewijs bestaat niet. In ieder geval, niet in een vorm waar je dagelijks mee kunt werken. Je kunt op elke manier die je wilt een afspraak maken. Het enige is dat je het soms moeilijker maakt om achteraf te bewijzen dat je een afspraak hebt en wat de inhoud daarvan is.

Het zal van je soort dienst afhangen hoe je dat bewijs wilt gaan leveren. Hosters kunnen bijvoorbeeld uit het gebruik van een wachtwoord (dat naar een bedrijfsadres is gestuurd) al bewijzen dat het bedrijf hun dienst heeft afgenomen. Zeker als de bedrijfswebsite ook op hun servers geupload is. Een designer hoeft maar een visitekaartje van een marketeer los te peuteren om te laten zien dat ze zijn design op hun visitekaartjes hebben gebruikt en dus moeten betalen. En als er iets makkelijk gaat, dan is dat wel visitekaartjes van een marketeer krijgen.

Bij diensten met een minder tastbare link tussen opdrachtgever en dienstverlener ligt het iets lastiger. Een SEO’er die via MSN een opdracht krijgt voor linkbuilding op een keywoord, heeft hooguit de chatlog om achteraf de beloofde duizenden euro’s te incasseren. Dat de klant nu ineens hoog rankt op dat keywoord kan ook toeval zijn tenslotte. Als de klant dan keihard ontkent de opdracht te hebben gegeven, heb je een probleem.

Denk dus af en toe als een jurist en vraag je af hoe je je afspraken gaat bewijzen als er ruzie komt.