8 februari 2007
Elke keer als ik een website moet verhuizen, vraag ik me af wat er toch gebeurt met de bezoekers die nog een oude DNS cache gebruiken. Of steek ik nu voor sommige lezers al te hoog in? Als dat zo is – en daar ga ik maar even vanuit, anders laat ik mijn moeder wel meelezen – zal ik proberen uit te leggen hoe een verhuizing van een domeinnaam en aangekoppeld hosting pakket werkt.
Een DNS – Domain Name Server (of een beetje jammerlijk vertaald: Domein Naam Server) – maakt een koppeling tussen een domeinnaam als netters.nl en een IP-adres als 83.98.145.125. Hier bedoelen we mee dat een bezoekers http://netters.nl in zijn browser typt en er vervolgens via een DNS server gekeken wordt welk IP-adres hier bij hoort. Zodra deze gevonden is, wordt de machine (server) die bij dit IP-adres hoort gelokaliseerd en wordt bij die machine een verzoek gedaan de webpagina aan te bieden voor download. De reden voor het gebruik van domeinnamen is uiteraard dat IP-adressen moeilijker te onthouden zijn en ook niet al te sterk communiceren.
Omdat DNS-data in de praktijk nauwelijks wijzigt, wordt deze data gecached. Dit betekent dat onthouden wordt wat de koppeling van het IP-adres naar de domeinnaam is (en andersom) zodat niet bij elk verzoek de authority server geraadpleegt hoeft te worden. De authority server kun je heel makkelijk voor je zien als dé bron van informatie op DNS-niveau die altijd up-to-date is, terwijl veel andere DNS-servers gecachede data gebruiken. Momenteel zijn er een handjevol DNS authority servers in de wereld. Alle duizenden andere DNS-servers bevatten dus gecachede data.
Dit verklaart dus ook dat als je een site verhuist van het ene IP-adres naar het andere, dit even kan duren voor alle Internet Service Providers (ISP) dit “door hebben”. In de regel worden de DNS-servers die gecachede data gebruiken eens in de 24 uur geüpdate, maar dit kan soms tot 72 uur duren. Hier is simpelweg niks aan te doen.