Excuses voor de lange titel van het bericht, maar dit is de (verkorte) ondertitel van een afstudeerscriptie die ik via JR Online opgestuurd kreeg. Het onderzoek zelf is gedaan door Myrthe Annemijn Swaak, student Master Communication Studies aan de Universiteit van Twente. Het onderzoek is zeker de moeite van het lezen waard. Ik plaats hieronder de samenvatting maar je kan uiteraard ook het complete onderzoek downloaden.
Het succes van een organisatie wordt steeds meer bepaald door haar website. De elementen van onderzoek in deze studie betreffende de website zijn de gebruiksvriendelijkheid, de visuele aantrekkelijkheid en de bruikbaarheid. De invloed die deze elementen hebben op het vertrouwen in de organisatie is nog niet bekend. Dit
onderzoeksrapport probeert te achterhalen of en in welke vorm er gesproken kan worden over invloed van deze elementen op vertrouwen. Daarnaast wordt deze vraag uitgebreid met het begrip intentie. Intentie is een alomvattend begrip en refereert in dit onderzoeksrapport naar de intentie van de klant om de website van een organisatie nogmaals te bezoeken, meerdere aankopen te doen bij een organisatie, de organisatie aan te raden bij vrienden en relaties en om in de toekomst klant te blijven van de organisatie. Of intentie naast vertrouwen beïnvloed wordt door de andere constructen is
nog niet bekend, deze onderzoeksstudie besteedt hier aandacht aan.
Een tweede aanleiding betreft het begrip gebruiksvriendelijkheid. Gebruiksvriendelijkheid is al jaren door wetenschappers onderzocht, een onderscheid tussen waargenomen en daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid is niet eerder gemaakt, ook niet in relatie tot vertrouwen. Dit onderscheid is in dit onderzoek wel doorgevoerd, om te onderzoeken welke rol de twee vormen van gebruiksvriendelijkheid vertolken binnen het vertrouwen dat de klant heeft in een organisatie.
Het onderzoek is uitgevoerd bij de organisatie JR Online te Enschede. Het is van start gegaan met een literatuuronderzoek. Gezien de leemte in de kennis betreffende de verschillende constructen en mogelijke dimensies is een vooronderzoek ingesteld. Het
vooronderzoek had tot doel de constructen uit het conceptuele model nader in te kleuren en te operationaliseren. Door middel van interviews onder onafhankelijke respondenten over vijf verschillende websites zijn de definitieve constructen en dimensies vastgesteld.
Naar aanleiding van het vooronderzoek is een hoofdonderzoek opgesteld, bestaande uit twee condities. Het hoofdonderzoek is afgenomen onder veertig klanten van de organisatie JR Online. In conditie 1 kregen de respondenten een zoektaak voorgelegd. Deze zoektaak bestond uit opdrachten die de respondent diende te voltooien binnen de website. In conditie 2 kregen de respondenten geen zoektaak voorgelegd. Zij mochten de website verkennen door zelf te bepalen waar opgeklikt en wat bekeken werd. Bij beide condities was het van essentieel belang dat de gedachten gedurende de taak hardop verwoord werden. Op deze wijze zijn de gebruiksvriendelijkheidproblemen, zowel bewust als onbewust aan het licht gekomen en is de daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid van de website gemeten.
Aansluitend aan de taak werd de respondent een vragenlijst voorgelegd, waar door middel van een veertigtal stellingen een eindoordeel kon worden gegeven betreffende de gebruiksvriendelijkheid, de visuele aantrekkelijkheid en de bruikbaarheid van de website. Tevens is er in de vragenlijst ingegaan op het vertrouwen van de klant en de intentie.
De onderzoeksstudie heeft de relaties tussen de constructen blootgelegd. Gebleken is dat er een significante relatie bestaat tussen gebruiksvriendelijkheid, visuele aantrekkelijkheid en bruikbaarheid enerzijds en vertrouwen anderzijds. Daarnaast blijkt de daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid een sterkere relatie aan te gaan met vertrouwen dan de waargenomen gebruiksvriendelijkheid. Tevens blijkt vertrouwen
significant gerelateerd te zijn aan de intentie van de klant om de website van een organisatie nogmaals te bezoeken, in de toekomst meerdere aankopen te gaan doen, de organisatie aan te raden bij vrienden en relaties en de intentie om klant te blijven van de organisatie. De relatie die vertrouwen met intentie aangaat, wordt versterkt door de constructen gebruiksvriendelijkheid, visuele aantrekkelijkheid en bruikbaarheid. Deze drie constructen tezamen verklaren een groter deel van de variantie van intentie dan enkel het construct vertrouwen. Van de grootste toegevoegde waarde is aan de relatie tussen vertrouwen en intentie is de visuele aantrekkelijkheid.
De onderzoeksstudie heeft uitgewezen dat gebruiksvriendelijkheid, visuele aantrekkelijkheid en bruikbaarheid een relatie aangaan met vertrouwen. Dit houdt in dat de drie constructen samen invloed uitoefenen op het vertrouwen dat de klant heeft in een organisatie. Wanneer de website als gebruiksvriendelijk, visueel aantrekkelijk en bruikbaar wordt beoordeeld dan vergroot het vertrouwen dat de klant heeft in de organisatie. De gebruiksvriendelijkheid van de website van een organisatie is de meest beïnvloedende factor van de drie gebleken. De daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid
blijkt van sterkere invloed te zijn op het vertrouwen dan de waargenomen gebruiksvriendelijkheid.
Vertrouwen op haar beurt blijkt van grote invloed te zijn op de intentie van de klant. Deze intentie betrof het nogmaals bezoeken van de website van een organisatie, het in de toekomst aanschaffen van producten of diensten, het aanraden van de organisatie bij vrienden en relaties en de intentie om in de toekomst klant te blijven van de organisatie.
Gebleken is dat deze invloed van vertrouwen wordt versterkt door een gebruiksvriendelijke, visueel aantrekkelijke en bruikbare website van een organisatie. In het bijzonder een visueel aantrekkelijke website blijkt van een versterkende invloed te zijn op de intentie van de klant.
Het complete onderzoek is hier te downloaden.
interessant artikel
Fijn dat een onderzoek aantoont wat we eigenlijk al heel lang weten (we handelen immers zelf volgens dit patroon).
Netjes uitgewerkt in ieder geval.
Wat wel verrassend is, is dat de inhoud en de volledigheid minder invloed uitoefent dan de uiterlijke aantrekkelijkheid. Laten we ons dan zo makkelijk foppen?
De conclusie verbaast me eerlijk gezegd niet, maar het is een interessant verslag om helemaal door te lezen.
Of we ons makkelijk laten foppen? Ik denk het wel, nog steeds… helaas. Een leuk fris uiterlijk, bestelsysteempje en klaar.
Een leuk vervolgonderzoek zou zijn welke kleuren bij welke branches nou meer vertrouwen wekken, of wat beter scoort.
Een vakantiesite met een donkere kleurstelling zal namelijk minder converteren dan een zonnige uitstraling. Denk ik…
Een interessant onderzoek naar lastig definieerbare en dynamische begrippen. Myrthe heeft een mooi onderzoek opgeleverd, waarbij vooral de uitgebreide en nuttige literatuurstudie en creatieve aanpak (onderzoeksopzet) opvallen. Toch wil ik bij een aantal onderdelen wat opmerkingen plaatsen.
De titel van de scriptie, de hypotheses en conclusies doen vermoeden dat het hier gaat om onderzoek met generaliseerbare resultaten (‘de website’, ‘een organisatie’). Dit is echter niet zo. Het is een evaluatie van de website van JR Online door klanten van JR Online. De resultaten gelden dus niet voor andere website zoals bijvoorbeeld webwinkels of bedrijven met een ander product of doelgroep. Dit wordt wel kort aangestipt in de discussie, maar is in de rest van het onderzoek niet duidelijk neergezet.
Het betreft hier ook een niet a-selecte steekproef (niet random steekproef). De respondenten zijn allen klant van JR Online. Het is niet duidelijk hoe de selectie van de 46 respondenten tot stand is gekomen (‘klanten uit de provincie Overijssel’). Zijn bijvoorbeeld alleen de klanten benaderd die een zeer positieve relatie met JR Online onderhouden?
De power van de steekproef is daarnaast ook vrij klein (n=40) waardoor het lastig is om betrouwbare uitspraken te doen over (multivariate) analyses met veel variabelen.
Als conclusie wordt gesteld dat:
“Dit onderzoeksrapport heeft uitgewezen dat de drie constructen samen gezien kunnen worden als verklarende variabelen van vertrouwen.”
Uit de resultaten blijkt dat:
“De kracht van de drie variabelen samen verklaard met en R2 = 0.27 bijna een derde van de variantie van vertrouwen.‘(p63)
Je kunt ook zeggen dat ruim tweederde van de variantie van vertrouwen niet wordt verklaard door de constructen, maar door andere, niet genoemde /onderzochte attributen of constructen, zoals bijvoorbeeld de langdurigheid van de relatie tussen consument en bedrijfswebsite, branding, eerdere aankopen e.d. Je kan ook vermoeden dat de attributen van de constructen onvolledig zijn. De ‘hardop denken’ methode uit het vooronderzoek kan dus te weinig attributen hebben opgeleverd om de constructen goed te definieren.
Tenslotte kan het verschil tussen ‘waargenomen gebruiksvriendelijkheid’ en de ‘daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid’ verklaard kunnen worden door de samenstelling van de onderzoeksgroep. Zoals eerder genoemd zijn alle respondenten klanten van JR Online. De daadwerkelijke gebruiksvriendelijkheid is gemeten door de bewuste en onbewuste problemen met de website te registreren met de ‘hardop denken methode’. De respondent heeft dus minder controle over zijn antwoorden. De waargenomen gebruiksvriendelijkheid is gemeten door middel van een vragenlijst. Omdat het klanten van JR Online betreft, kan het zijn dat deze vragenlijst positiever is ingevuld, omdat de klanten een positieve relatie met JR Online onderhouden en deze in de toekomst ook positief willen houden. Met andere woorden: de antwoorden kunnen verkleurd zijn en hier kan dus sprake zijn van een antwoordbias.
De resultaten van dit onderzoek zijn met name interessant voor JR Online zelf en levert waardevolle informatie op over hoe hun huidige klanten en toekomstige klanten de website ervaren en op welke punten zij de website kunnen verbeteren. Zo’n uitgebreid onderzoek zullen niet veel bedrijven doen en wat dat betreft lopen ze (ver) vooruit op hun concurrenten.
Interessante uitkomst, maar toch enigzins te verwachten uit psychologie oogpunt.
De vraag is echter of 1 website voor dit onderzoek betrouwbare resultaten op kan leveren. Voor een goed beeld zou je naar mijn idee meerdere websites onder de loop moeten nemen.
Daarbij gaat het hier om klanten van JR welke de website waarschijnlijk al eerder bezocht hebben. Mensen met een slechte eerste indruk waren waarschijnlijk al geen klant geworden, dus misschien ook interessant om met een aselecte steekproef uit te voeren.