Meerdere films gaan over het bevriezen van mensen die pas jaren later weer ?tot leven geroepen worden?. Stel nu dat ik iemand uit mijn vrieskast zou pakken die ik daar een jaar of 10 geleden in heb gestopt. Hoe zou deze persoon zijn weg vinden in de samenleving? Hoe zou hij zich handhaven in het bedrijfsleven? Eén van de zaken die hem zal opvallen zijn de enorme communities die ontstaan zijn op internet. Op Hyves kun je blogs van iedereen lezen, via Marktplaats ben je zo van je oude spullen af en Wikipedia is een enorme bron van informatie, verzameld door een groep fanatiekelingen.
Don Tapscott & Anthony D. Williams constateerden dit ook en schreven er een boek over: Wikinomics. Wikinomics heeft een passende ondertitel: Hoe samenwerking door iedereen met iedereen alles verandert. Want feit is dat er bij de meeste communities sprake is van samenwerking:
De stelling van Tapscott en Williams is dat bedrijven hier iets mee moeten doen. De tijd van top-down hiërarchie in bedrijven is voorbij. Werknemers volgen niet meer slaafs de commando?s van de baas op. In plaats daarvan zoeken ze proactief op internet naar nieuwe uitdagingen voor het bedrijf. Bedrijven als Lego spelen hier al op in, door liefhebbers zelf bouwtekeningen te laten uploaden. Vergelijkbaar is de Youmoz sectie van SEOmoz: Leden kunnen zelf artikelen uploaden en goede artikelen krijgen extra exposure op de frontpage. Een ander voorbeeld van peer-productie is bijvoorbeeld Linux. Zeer veel bedrijven sturen hun werknemers onder privé-naam dit open source project in.
Voor bedrijven is de uitdaging om te erkennen dat er buiten het bedrijf nog veel kennis is. Een miljoen niet-medewerkers weten meer dan 100 medewerkers. Digitale netwerken als internet maken het bereiken van die slimme niet-medewerkers mogelijk. Open API?s zijn dan volgens de auteurs ook een must om met de tijdgeest mee te gaan.
Wikinomics is een interessant boek. Helaas zijn de auteurs af en toe wat te weinig kritisch en doen ze het misschien iets te goed als evangelisten voor wat zij Web 2.0 noemen. Toch is het boek een eye-opener voor iedereen die UGC, open API?s, peer-productie en non-hiërarchie wil ontdekken.
ik begrijp uit je review dat dit ook zo’n USA boek is waar alles herkauwd wordt en de samenvatting genoeg is om het idee te snappen? Zijn de gestelde voorbeelden de moeite waard en geeft het je nieuwe ideeen? of is het vooral een evangelie voor de onwetenden?
De herhalingsfactor ligt inderdaad tegen de 28. Soms zijn voorbeelden wel leuk, maar voorbeelden in andere branches boeien me echt niet. Daarnaast ken ik veel van de genoemde voorbeelden niet. Wikipedia heeft ook in Europa een grote bekendheid, maar dat geldt zeker niet voor alles wat deze Amerikanen naar voren halen.
Je conclusie klopt inderdaad dat het boek wat te dik is. Aan het eind merkte ik niet eens meer wat het verschil van een nieuw hoofdstuk met de vorige hoofdstukken was :) Ik heb de laatste twee hoofdstukken dan ook niet gelezen, alleen maar plaatjes gekeken (en inderdaad, er staan geen plaatjes in het boek…).
Het is jammer dat dit soort boeken vaak niet verder komt dan dat je er ‘iets’ mee moet doen. Maar wat dan? Aan wat Wikipedia, Proctor & Gamble of Amazon doen, heb ik niet zo veel. Zo groot word ik niet.
Persoonlijk vond ik The cult of the amateur informatiever. Zulke kritische geluiden hoor je zelden, maar die heb je wel nodig om je eigen mening en vooral plan te kunnen vormen.
Arnoud
Dat boek van andrew keen heeft nogal wat stof doen opwaaien toentertijd. Ik heb het boek nog niet gelezen, maar veel mensen vertelden mij dat het eigenlijk niet echt de moeite waard was en dat het vooral ging om schoppen tegen de web2.0 nieuwe gevestigde orde zeg maar…